Het is halverwege juli, tien uur 's ochtends en je duurloop voelt alsof je door een pan hete soep ploegt. Je hartslag zit allang in zone drie of zelfs hoger, terwijl je snelheid nog niet eens in de buurt komt van wat normaal een makkelijke duurloop is. Herkenbaar? Dat komt niet doordat je conditie ineens instort. Je lichaam is gewoon druk met een heel ander project: zichzelf in een paar dagen tijd ombouwen tot een beter koelsysteem.
Acclimatisatie
Wat er in die paar dagen gebeurt is best knap. Je bloedplasmavolume, het vloeibare deel van je bloed, breidt uit. Dat begint meestal al na drie tot vier dagen trainen in de hitte en piekt rond dag vijf, soms met wel 15 procent meer volume. Het handige gevolg is dat je hartslag bij dezelfde inspanning met een vijfde tot een kwart daalt, want er is simpelweg meer vloeistof om de warmte via je huid af te voeren. Tegelijk gaan je nieren en zweetklieren zuiniger om met natrium, zodat je dat extra vocht ook vasthoudt. Na ongeveer twee weken staat die eigen airco grotendeels op scherp.
Heb je een wat luxer Garmin horloge? Dan heb je mogelijk geluk dat het een feature bevat die dit automatisch voor je bijhoudt. Je ziet dan een percentage dat aangeeft hoever je lichaam geacclimatiseerd is.
Hartslag blijft de baas, snelheid buigt mee
En dan de belangrijkste praktische consequentie. Train je op hartslag, dan blijf je gewoon op hartslag trainen. Je zones veranderen niet in de zomer. Wat wél verandert is je snelheid, want je lichaam is een deel van zijn capaciteit kwijt aan koelen in plaats van aan vooruitkomen. In de praktijk kan dat oplopen tot dertig seconden per kilometer langzamer bij precies dezelfde hartslag. Dat is niet niks. Het is ook precies waar het bij veel lopers misgaat. Ze zien hun tempo wegzakken, geven een tikje extra gas en zitten voor ze het weten een hele zone te hoog in een training die rustig had moeten zijn.
Dat vraagt echt een knop omzetten in je hoofd. En eerlijk, de grootste horde zit niet in je benen maar in je ego. Je uploadt die loop naar Strava en denkt 'wat zullen ze wel niet denken van die snelheid?' Terwijl niemand die meekijkt weet dat het 29 graden was, dat je hartslag precies deed wat hij moest doen en dat dit een prima uitgevoerde training was. Op een gegeven moment moet je gewoon je schouders ophalen. Dat klinkt simpel, maar bij mij heeft het een paar zomers gekost voordat het echt lukte.
Elektrolyten: waar het bij mij jarenlang misging
Dan het onderdeel waar ik zelf het langst over heb gedaan om het te snappen. Jarenlang liep ik tegen hetzelfde probleem aan. Bij langere inspanningen in warmer weer kreeg ik op een gegeven moment gegarandeerd dikke kramp. Niet af en toe, maar structureel. Mijn eerste marathon heb ik met een kilometers lange kramp in mijn benen uitgelopen. En in Limburg donderde ik ooit op een steile beklimming van mijn fiets, simpelweg omdat mijn been van het ene op het andere moment op slot ging.
Mijn eerste reflex was, zoals bij de meeste mensen, meer drinken. Dat hielp niet. Sterker nog, alleen maar meer water naar binnen werken maakt het probleem soms erger, want je verdunt daarmee wat er nog aan zout in je systeem zit.
Wat wél het verschil maakte waren elektrolyten. Niet als extraatje, maar als vast onderdeel van mijn hydratatie. Zodra ik daar serieus mee aan de slag ging, verdween de kramp. Dat was voor mij echt dé sleutel om lange afstanden in de warmte zonder problemen af te leggen. In welke vorm je ze binnenkrijgt maakt niet zo veel uit, of dat nu een sportdrank is, een tabletje in je drinkfles (ikzelf gebruik Precision Hydration) of zoutpillen. Als je maar aanvult wat je kwijtraakt, want bij warm weer verlies je meer dan alleen vocht.
Hoeveel je nodig hebt verschilt sterk per persoon. Sommige lopers komen prima weg met een beetje extra zout in hun drinkfles, anderen, zoals ik, zijn stevige zweters en hebben aanzienlijk meer nodig. Merk je dat je shirt na een training wit uitslaat van de zoutranden? Dan hoor je waarschijnlijk bij de tweede groep.
Even serieus: het kan ook misgaan
Want hoe leuk het ook is om je lichaam te zien aanpassen, hitte is niet iets om mee te experimenteren op wilskracht. Hitteklachten kennen verschillende gradaties, van kramp tot oververhitting en in het ergste geval een hitteberoerte. Dat laatste is een medisch noodgeval. Veel mensen denken dat je een hitteberoerte herkent aan een droge huid, maar dat klopt niet, want een sporter kan er nog gewoon bezweet bij staan. Het echte alarmsignaal is verwardheid (raar gedrag, wazig uit de ogen kijken, niet meer helder kunnen antwoorden). Zie je dat bij jezelf of bij een trainingsmaatje, dan is doorlopen geen optie.
De kern van het verhaal is dat je met beleid traint en jezelf niet over de kling jaagt. Een training inkorten of omgooien kost je niets. Doorbijten in 30 graden omdat het nu eenmaal in je schema stond, kan je een week kosten. Of erger.
Praktisch: hoe je het gewoon werkbaar houdt
Genoeg fysiologie, hoe pak je het aan? Het simpelste antwoord is om je training te verplaatsen naar de randen van de dag. Vroeg in de ochtend is de temperatuur op zijn laagst. Laat op de avond is de ergste zon uit de lucht. Dat scheelt vaak meer dan alle koeltrucjes bij elkaar.
Lukt dat niet, dan is de fiets een prima uitwijkmogelijkheid. Op de racefiets of MTB heb je constant rijwind, waardoor je jezelf veel beter koelt bij dezelfde inspanning. Je traint nog steeds je duurvermogen, alleen zonder dat je halverwege staat te koken langs de kant van de weg. Voor mij is dat altijd de betere keuze dan een training helemaal schrappen. Liever een andere prikkel dan geen prikkel.
En bedenk dat consistentie hier belangrijker is dan heldendaden. Je lichaam past zich aan door herhaalde blootstelling, niet door één keer op het heetst van de dag jezelf helemaal leeg te lopen. Een reeks rustige trainingen in de warmte levert meer op dan één martelgang. Bovendien hoef je er de dagen erna niet van te herstellen.
Het cadeautje: gratis hoogtestage
De eerder genoemde uitbreiding van je bloedplasma heeft ook nog een bijwerking op de langere termijn. Doordat je bloed tijdelijk wat verdund is daalt je hematocriet (percentage rode bloedcellen). Dat merkt je lichaam op. Het reageert door via EPO (lichaamseigen stof) de aanmaak van rode bloedcellen op te schroeven, precies het mechanisme dat hoogtetraining zo interessant maakt. Het gevolg is meer zuurstoftransport, ook als het weer afkoelt.
De nuance hoort er wel bij, want dit gebeurt niet na één zweterig weekend. In onderzoeken waarin dit effect echt zichtbaar werd ging het om zo'n vijf weken structureel trainen in de hitte. Maar het idee blijft mooi. Terwijl anderen duizenden euro's neerleggen voor een hoogtestage in de Alpen, doet jouw lichaam iets vergelijkbaars tijdens een Nederlandse hittegolf. Alleen met minder uitzicht.
Tot slot
Trainen in de hitte voelt zwaarder, ziet er op Strava minder indrukwekkend uit en vraagt meer van je planning. Maar je lichaam doet ondertussen precies waar het goed in is: zich aanpassen. Stuur op hartslag, vul je elektrolyten aan, luister naar de signalen die er echt toe doen en accepteer dat de snelheid even lager ligt. Dan kom je in september sterker uit de zomer dan je erin ging.
Hier niet alleen mee stoeien?
Bij ALX Running kijk ik samen met jou naar hoe je training zich verhoudt tot de omstandigheden, van hitte tot hoogte tot herstel. Stuur gerust een bericht, dan sparren we vrijblijvend over wat bij jou past.
Neem contact op